Samenvatting bedrijvenenquête 2025

Hoe kijken ondernemers in het Westland aan tegen de energietransitie?

Gemeente Westland bereidt zich voor op het landelijke doel om in 2050 aardgasvrij te zijn. Daarvoor wordt een Warmteprogramma opgesteld, die de gemeentelijke plannen van 2026 tot 2035 beschrijft. Om bedrijven hierover te informeren en een beeld te krijgen van hoe zij denken over de energietransitie met bijhorende aanpassingen aan hun pand en/of bedrijfsvoering, is er een online vragenlijst opgesteld. Deze kon worden ingevuld van 13 oktober tot en met 10 december 2025. 

De bedrijvenenquête is ingevuld door 30 organisaties. De enquête is verspreid via de nieuwsbrief van Westland Woont Duurzaam, tijdens het evenement Westland Onderneemt Duurzaam, via het BOEM‑vastgoedblad, sociale media en via directe e‑mails van de koepelorganisaties. Met 30 reacties is het niet mogelijk om een volledige analyse te maken. Wel is dit genoeg om een beeld te krijgen van het gevoel dat nu leeft onder ondernemers.

Deze bedrijven zijn vooral bv’s en liggen verspreid over heel Westland. Alleen in Monster zit geen bedrijf uit de groep. De bedrijven bestaan uit 13 huurders en 17 eigenaren van hun pand. Drie bedrijven zijn glastuinbouwbedrijven. Van de overige bedrijven zitten er 23 op een bedrijventerrein. De bedrijven hebben tussen de 1 en 300 medewerkers. De meeste bedrijven hebben minder dan 20 medewerkers.

De impact van de energiecrisis en de hogere kosten kan groot zijn voor bedrijven. Op een schaal van 1 tot 5 geven bedrijven deze last gemiddeld een 2,9. Er is een duidelijk verschil tussen huurders en eigenaren: huurders geven een 2,3 en eigenaren een 3,7. De grootte van het bedrijfspand lijkt hierbij geen directe invloed te hebben.

Niet alle verhuurders hebben plannen om te verduurzamen of zijn van plan dat in de toekomst te doen. Toch zijn er al 12 bedrijven – zowel huurders als eigenaren – die aardgasvrij zijn. Opvallend is dat vooral eigenaren nog stappen moeten zetten.

Een belangrijk detail is dat alleen bedrijven op een bedrijventerrein aardgasvrij zijn. Buiten de bedrijventerreinen is geen enkele organisatie aardgasvrij. Dit is een duidelijk aandachtspunt voor de communicatie en ondersteuning vanuit de gemeente. Deze bedrijven hebben meer hulp en uitleg nodig.

De bedrijven die nog aardgas gebruiken, doen dat vooral voor het verwarmen van ruimtes en voor warm water. Bij één organisatie wordt aardgas ook gebruikt voor productieactiviteiten, bijvoorbeeld voor een frituur.

Bijna alle bedrijven (op één na) hebben al stappen gezet richting een duurzame toekomst. Op bijna alle daken liggen zonnepanelen en veel panden zijn al goed geïsoleerd. In de panden die nog aardgasvrij moeten worden, nemen vooral eigenaren stappen. Vooral kleine organisaties zijn al aardgasvrij.

In totaal wisten 12 bedrijven dat de gebouwde omgeving in 2050 gasloos moet zijn. Maar slechts 4 organisaties kenden de energiescans en/of het programma van de provincie. Het vergroten van de bekendheid van deze programma’s en de ondersteuning voor ondernemers is daarom heel belangrijk.

Van de 18 bedrijven die nog aardgasvrij moeten worden, willen 6 bedrijven dit binnen 5 jaar doen. Binnen 10 jaar willen nog 4 andere bedrijven volgen. Zij kiezen vooral voor elektrische oplossingen. Een viertal organisaties twijfelt nog en kijkt ook naar de mogelijkheid van een warmtenet. Opvallend is dat er op bedrijventerreinen geen interesse lijkt te zijn in een warmtenet.

De belangrijkste reden voor bedrijven om te verduurzamen is het verbeteren van hun publieke imago. Daarna volgen een lagere energierekening en een comfortabele werkomgeving. Ook speelt wetgeving een rol bij het maken van duurzame keuzes. Een belangrijk detail is dat organisaties weinig tot niet verduurzamen vanuit een eigen, intrinsieke motivatie voor duurzaamheid noemen als reden voor duurzame keuzes.

Voor huurders is vooral een lagere energierekening een belangrijke reden om te verduurzamen.

Hoge investeringskosten zijn voor ondernemers de grootste hindernis om te verduurzamen. Voor huurders speelt daarnaast mee dat zij minder controle hebben over de investeringen in hun pand. Andere genoemde redenen zijn een gebrek aan vakkennis (2 keer), het ontkennen dat aardgasvrij nodig is (1 keer) en een gebrek aan vertrouwen in de regels en de overheid (2 keer).

Bedrijven op bedrijventerreinen ervaren duidelijk minder problemen bij het verduurzamen. Het blijft daarom belangrijk om vooral bedrijven buiten de bedrijventerreinen goed te ondersteunen.

De investeringsruimte verschilt per organisatie en hangt vooral af van de grootte van het bedrijf. Vier organisaties geven aan dat zij meer dan 15.000 euro kunnen investeren. Drie organisaties kunnen maximaal 10.000 euro investeren. 

Om verder te verduurzamen hebben vier bedrijven meer investeringsruimte nodig. Daarnaast hebben vijf bedrijven extra informatie nodig over techniek, kosten en energieadvies.

Bedrijven hebben vooral behoefte aan informatie over subsidies, ondersteuning en duurzaamheidsinitiatieven. Zij willen dit contact graag via e‑mail of een online nieuwsbrief. Ze hebben geen interesse in een fysieke bijeenkomst.

Op bedrijventerreinen hebben bedrijven wél behoefte om mee te denken over plannen en samen te werken met andere bedrijven. Dit is een rol die de gemeente goed kan oppakken op elk bedrijventerrein.